Posts tonen met het label (on) Schuld. Alle posts tonen
Posts tonen met het label (on) Schuld. Alle posts tonen

maandag 7 augustus 2017

Maandag

Maandag

Ik had snel al de lampen in huis aangedaan. Daantje hielp mee door de gordijnen dicht te doen en we liepen samen alle ramen en deuren af om te controleren of alles goed op slot zat. De angst gierde door mijn lijf, maar ik probeerde er niet aan toe te geven. Niet zolang Daantje nog bij mij was en ik niet wist tegen wie ik vocht. Waarschijnlijk was het gewoon een grappenmaker die me gebeld heeft. Maar dat Joost nog steeds niet reageerde op mijn telefoontjes maakte het er niet beter op.
Ik bracht Daantje naar bed, en besloot zelf ook naar bed te gaan. Beneden zitten wachten heeft ook geen zin.
Tegen drieën schiet ik wakker. Ik ben nog steeds alleen op mijn kamer. Ik knip het licht aan en controleer de slaapkamers. Daantje ligt heerlijk te slapen, al haar knuffels als een beschermend schild rond haar hoofd gestapeld. Soms zou ik ook nog wel terug willen naar die tijd dat knuffels nog zoveel bescherming kunnen bieden tegen de boze buiten wereld, al is het maar illusie.
Ik loop door naar Jordy’s kamer, maar die is leeg. Ik knip de lamp aan en ga op zijn bed liggen.
Het speelkleed ligt er nog precies zo bij als vanmorgen, alle auto’s keurig in een file op de weg geparkeerd. Zijn ladekast staat open, en er zijn wat onderbroeken van de stapel af. Naast me op het bed mis ik zijn bruine beer. Jordy en de bruine beer zijn onafscheidelijk, maar waar kunnen ze heen zijn?
Ik sta op, knip de lamp uit en loop weer terug naar de slaapkamer. Mijn mobiel ligt op en een foto van Joost verschijnt op het schermpje. Eindelijk.
Met een zucht maar ook enigszins geïrriteerd neem ik op. ‘Verdorie Joost waarom heb je niet eerder gebeld!’ Ik verwacht een dronken Joost aan de lijn te krijgen, maar wat er volgt is stilte, de welbekende klik, en een akelig gelach.

Beneden hoor ik gerommel bij de voordeur. Ik duik verschrikt onder het dekbed, en bedenk me ineens dat ik me zelf al verraden heb omdat de lamp op de slaapkamer nog aan is. Snel knip ik die nog uit, maar ik hoor de voetstappen al op de trap.

Bibberend lig ik onder het dekbed. Ik hoor de voetstappen voor de kamer van Daantje stilhouden, en wat later het zachte stemmetje van ons meisje. ‘Papa, kusje?’

Opgelucht sla ik de dekens van me af. Joost! Maar wat is er gebeurt? Op de wekkerradio is het half 5. 

maandag 31 juli 2017

September 2004

September 2004

Ding dong. De bel klonk luid toen we op de drempel van de bruidswinkel stonden.
Samen met mijn moeder en mijn schoonmoeder stapte ik de zaak binnen en nam de winkel in me op.
Zowel links als rechts in de zaak was er plaats voor een zithoek met rode fauteuils rondom, waarin kleine gouden kroontjes in het hoofdkussen waren geborduurd.
Een blonde verkoopster kwam ons al tegemoet en nam onze jassen aan, waarna we naar het zithoekje aan de linkerkant werden verwezen. We namen plaats, er werd een pot thee gebracht met een schaaltje met koekjes en de verkoopster kwam er bijstaan om even wat dingen na te vragen over wat mijn wensen waren en hoe onze trouwdag eruit kwam te zien.
Na mijn hele wensenlijstje opgegeven te hebben, ik wilde graag een sprookjesjurk met een sluier maar zonder een sleep, stond de verkoopster op en kwam ze wat later terug met een prachtige crèmekleurige jurk die uit twee delen bestond. Het lijfje was aan de achterkant open, bestond geheel uit kant en werd bij elkaar gehouden door een rij lange linten. Het liet mijn schouders geheel bloot en begon pas halverwege mijn rug. De rok was van zacht crème kleurig stof met een grote zalmroze roos in de linker boven hoek. Het geheel werd afgemaakt met een sluier voor in het haar.
Ik was meteen verliefd en voelde me een echt elfje toen ik de jurk aan trok. Dit moest hem worden! Deze jurk was het helemaal en Geert zou er vast en zeker ook van houden! Hij had me van tevoren nog gewaarschuwd dat hij nee ging zeggen als ik een zwarte of een rode jurk uit zou kiezen. Ik durfde het niet meer in mijn hoofd te halen, al vond ik het stiekem erg jammer.
‘Zijn er nog jurken die je perse een keer wilt passen?’ ‘Ja, ik zou graag een rode of zwarte jurk aan willen passen. Gewoon om te kijken hoe het staat.’
De vrouw liep weg en kwam wat later terug met een prachtige knalrode jurk. Ik hees me zelf in het rode kant, maar moest even wennen aan de weide hoepelrok die er aan vast zat. Zonder die rok was het een prachtige jurk, die overal als gegoten op mijn lichaam aansloot. Een steek van spijt trok er door me heen, deze jurk zou ik nooit mogen dragen. Hij zou dit nooit goedkeuren. Al was de eerste jurk nog zo mooi.
De zwarte jurk bezorgde me nog meer spijt en bracht me zelfs eventjes aan het twijfelen. Zou ik toch voor deze jurk gaan. Ik trouwde ten slotte maar een keer. En hij zou toch niet echt alleen daarom weigeren?

Na 3 uur jurken passen besloot ik toch om voor de eerste jurk te gaan, tot blijdschap van mijn schoonmoeder. Ze had waarschijnlijk de instructies van Geert mee gekregen om me niet met een gekleurde of zwarte jurk naar huis te laten gaan, terwijl mijn moeder en ik die juist veel mooier vonden. Maar ik stelde me tevreden met mijn elvenjurk. Het zou hoe dan ook een prachtige dag worden.

maandag 24 juli 2017

Dinsdag

Dinsdag

‘Dus je telefoon is gestolen? Waar en wanneer en waarom heb je dan niet via iemand anders mij proberen te bereiken?’  Ik was razend. Al mijn angst had zich omgezet in woede. Hij had me toch op zijn minst wel iets kunnen laten weten en hij had gewoon naar huis kunnen komen!
‘Jordy en ik zijn nog naar het Anker gekomen, maar we konden jullie niet meer gevonden krijgen. Toen bood Christel aan dat onze Jordy wel met haar mee kon en daar een nachtje kon blijven slapen als dat gemakkelijker was. Dus ben ik naar huis gegaan, hopende dat je al thuis was of dat je misschien geprobeerd had om naar huis te bellen. Ik heb je zelfs nog proberen te bellen, maar je telefoon was elke keer buiten bereik. Waarom had je hem dan ook uit gezet?’
‘Ik heb hem niet uitgezet, ik heb jou zelfs nog proberen te bellen, maar je nam niet op. Dus toen je vannacht belde en opnam was ik, ik schrok dat ze nu ook al via jouw mobiel belde.’ De angst was weer terug en greep me naar de keel. Joost was meteen bij me. Hij legde zijn handen op mijn buik en keek me aan. ‘Rustig blijven nu. Adem in, naar je buik en weer uit. Rustig. Het is vast een stom geintje van degene die de telefoon gestolen heeft.’
‘Nee,’ hikte ik. ‘Nee, want hij belde gisterenavond ook al op ons thuisnummer.’
Vandaag zijn we naar de telefoonwinkel gereden om voor ons beide een nieuw telefoonnummer aan te vragen. Om te voorkomen dat hij er nog langer mee kan bellen hebben we de provider opgebeld en onze beide nummers meteen laten blokkeren in de hoop dat hij ons nu niet meer lastig kan vallen.
Gelukkig is het allemaal zo geregeld en lopen we wat later de winkel weer uit.
Nu moeten we enkel nog proberen te achterhalen hoe je kunnen voorkomen dat hij het thuisnummer belt, maar op dit moment lijkt de enige oplossing om er een tijdje de stekker uit te trekken.
‘Kom, we zijn nu allebei toch vrij, de kinderen vermaken zich prima bij ome Jan. Dus we kunnen het er nu even van nemen. Waar heb je zin in? Even lekker nog wat winkelen? Of zullen we gewoon gezellig ergens wat koffie gaan drinken.’
Ik lach als ik de straat in kijk. Het is de laatste dag van de carnaval, en in het centrum van Eindhoven lopen er nog steeds veel mensen bont uitgedost over straat op zoek naar een kroeg en wat gezelligheid. De geur van oud bier en urine hangt in de lucht, en de stoep is bezaaid met lege plastic bekertjes en confetti.
‘Nou, die koffie pakken we wel ergens anders.’ Zeg ik, terwijl ik mijn arm door zijn arm heen haak en hem dicht tegen me aantrek. ‘Ik weet misschien nog wel een tentje waar we wel even lekker kunnen lunchen.’
Wat later nemen we plaats aan een tafeltje in een klein eettentje, net iets buiten het centrum. Het is er al gezellig druk, met een mix aan vroege feestgangers en mensen die niks met het carnaval van doen hebben.
We bestellen ieder een uitsmijter en koffie en maken het ons gemakkelijk. Het is fijn om even thuis weg te zijn, en alles wat er van het weekend is gebeurt even op een afstandje te bekijken. Waarschijnlijk heeft Joost gewoon gelijk en heeft de grapjas die ons telefonisch lastig valt de nummers gewoon uit de mobiel van Joost gehaald. Er zijn nou eenmaal mensen die er plezier uit halen om andere mensen de stuipen op het lijf te jagen.
Ik neem genietend een slok van mijn koffie en kijk naar Joost die er eerst nog wat melk en suiker in doet voor hij aan de zijne begint. De uitsmijter is heerlijk, vers bruin brood met een plak ham en rosbief met daarop 2 eieren en ter decoratie huisgemaakte huzarensalade.
Na de lunch lopen we weer terug naar de parkeergarage, waarna we weer naar de broer van Joost rijden. Jan is sinds begin dit jaar weer vrijgezel, maar altijd bereid om op de kinderen te passen als we hulp nodig hebben. Hij is veel vrijer dan Joost, knapper ook, vind ik. Met zijn krullerige rossige haar dat altijd een beetje verward om zijn hoofd zit, zijn blauwe ogen en zijn verfijnde gezicht is hij een beetje de mooiere versie van Joost, al lijken ze erg veel op elkaar en worden ze door buitenstaanders nog geregeld door elkaar gehaald. Jan is van alle markten thuis, zoals mijn vriend dat zo mooi zegt. De ene keer komt hij met een dame thuis om een half jaar later ineens weer een leuke man aan zijn zijde te hebben.
Hij is echter dol op zijn neefje en nichtje, en toen Joost vanmorgen opbelde en de hele situatie aan hem uitlegde, was hij meteen bereid om de kinderen op te vangen. Hij maakte zelfs al plannen om ze mee te nemen naar de optocht in d‘Eerd, dus we hoefden ons verder geen zorgen meer te maken.
‘Ha, Joost. Is het gelukt met de nieuwe nummers?’ Jan stem klinkt over de carkit.
‘Ja, dat was allemaal zo geregeld, geen probleem. Hoe gaat het met de kinderen?’
Op de achtergrond klinkt ineens een boel kabaal, luide muziek schalt door de telefoon de auto binnen. ‘Sorry ik versta je niet, er komt nu net een grote wagen voorbij. De kinderen vinden het helemaal geweldig! Ik stuur je straks wel een berichtje als we hier vertrekken, dan breng ik ze na de optocht wel naar huis.’
‘Is goed, jongen. Veel plezier!’
We hebben de hele middag nog voor ons liggen.


maandag 17 juli 2017

Maandag

Maandag

‘Heb je je nooit afgevraagd wat hij op die computers aan het doen was?’ vraagt van Etten. Hij haalt een hand door zijn zwarte haren en slaat zijn ene been over zijn andere heen.
Het is aangenaam warm in de kamer, het zonnetje schijnt door de hoge ramen naar binnen, recht op de bank waarop ik lig.  
‘Nee, eigenlijk niet. Hij was vaak bezig met downloaden van films of muziek, maar in die tijd was iedereen daar mee bezig. Bovendien was het zijn werk om met computers bezig te zijn, dus was zijn interesse ook helemaal niet vreemd. Hij had me wel eens verteld dat je je makkelijk onzichtbaar kon maken op het internet. Daar had je speciale software voor die je ip-adres constant veranderde. En ik weet nog dat je werkelijk niks meer van hem terug kon vinden op het internet. Ja een website die hij ooit eens gemaakt had om wat uit te proberen met scrips, maar daar stonden enkel wat stomme plaatjes op van Beavis and Butthead.’
Ik ga rechtop in de bank zitten en probeer een geeuw te onderdrukken. De warmte heeft me loom gemaakt. Ik kijk op de klok en zie dat de sessie bijna voorbij is. We zijn nu eindelijk op het punt gekomen waar het allemaal om draait. Zijn computer en zijn eindeloze drang om daar zovele uren achter door te brengen. Zoveel uren dat het soms leek dat niets belangrijker was dan dat scherm voor hem op het bureau. Hij had er meer belangstelling voor dan voor mij. Dat was zeker.
‘Goed. We komen langzaam tot de kern van de zaak. Zijn ongewone belangstelling voor de computer. Voor de volgende keer wil ik dat je wat dingen voor jezelf op een rijtje zet. Heb je ooit dingen aan hem gemerkt als hij op die computers bezig was? Had hij bepaalde voorkeuren voor de games die hij speelde? En vanaf wanneer begon je het echt op te vallen dat hij meer belangstelling had voor de computer dan voor jou?’
Hij staat op van zijn stoel, ik volg zijn voorbeeld en geef hem een hand. Buiten haal ik mijn fiets van het slot en rij  naar huis. Het is licht gaan regenen en kleine druppeltjes doorweken mijn broek die al weldra klam om mijn benen plakt. Mijn winterjas geeft nog wat langer bescherming, pas als ik thuis ben merkt ik pas hoe koud ik het heb. Ik ril over heel mijn lijf en voel zoetjes aan de pijn weer opkomen in mijn borst, mijn armen beginnen te tintelen en mijn ademhaling versnelt. Ik probeert mezelf te kalmeren, maar kan zo snel niet voorkomen dat ik even totaal in paniek raak. Pas als de tranen over mijn wangen stromen kom ik weer een beetje bij zinnen. Dit is hij niet waard. Hij mag mijn leven niet meer zo beïnvloeden. Om op Ilse, je kunt het . Je bent sterk. Hij kan je niets meer doen.
Net op dat moment gaat de telefoon, ik laat hem rinkelen tot hij stopt, sla mijn handen voor mijn ogen en zak huilend in elkaar op de grond. Pas als ik de beltoon van mijn mobieltje hoor kom ik weer een beetje bij zinnen. Ik kom overeind, haal mijn telefoon voor de dag en neem op als ik zie dat het Joost is die belt. ‘Met Ilse,’ ik snik nog na als ik zijn vertrouwde stem in mijn oor hoor.
‘Meisje toch. Het was heftig bij de therapie zeker?’ Ik knik, en fluister zachtjes ja.
‘Doe maar rustig aan, pak lekker een bad, ik kom er nu aan om de kinderen op te halen dus maak je daar ook maar niet druk over.’

Ik knik bevestigend en zeg ja als ik besef dat hij dat natuurlijk niet kan zien aan de andere kant van de lijn. Ik zucht opgelucht als ik wat later ophang. In de wetenschap dat hij er voor de kinderen is, en dat ze allemaal zo naar huis komen loop ik naar boven naar de badkamer, laat het bad vollopen en kleed me uit. Het water voelt heerlijk bevrijdend. Ik kan me eindelijk ontspannen, en de pijn in mijn borst wordt met elke ademteug minder. Beneden hoor ik de telefoon weer rinkelen. Maar ik blijf stil liggen in het warme water. Voor nu ben ik er even niet. 

maandag 10 juli 2017

Mei 2004

Mei 2004

We keken uit op een prachtige kustlijn. De zon hing laag boven de zee, de lucht lichte vlammend rood en oranje op, wat een waar kleurenspektakel weergaf op de rustig kabbelende golfslag.
We zaten op een bankje, dicht tegen elkaar aan en genoten van onze vierde avond op dit prachtige Griekse eiland. De warmte van de dag hing nog loom om ons heen en het lichte briesje van zee zorgde voor een aangename verkoeling.
Geert haalde ineens iets uit zijn broekzak, ging voor me door zijn knieën en keek me verwachtingvol aan.
‘Lieve Ilse. We zijn nog niet zo heel lang samen, maar toch weet ik dat jij de vrouw bent waarmee ik verder wil gaan. Lieve Ilse, wil je met me trouwen?’
Ik keek hem vol liefde aan en bedacht me geen moment. ‘Ja, ja, ja!’
Het was tot dan het gelukkigste moment uit mijn leven. Geert, een knappe man die mij ten huwelijk vroeg, ik die zijn vrouw mocht worden! Mijn geluk kon niet meer op. Ik keek naar zijn gebruinde gezicht, zijn blauwe ogen, kleine kraaienpootjes die hem zoveel mooier maakte, al had hij er zelf een hekel aan, en sloeg mijn armen om hem heen. We kusten, omringd door het afnemende licht van de zon die alles in een rood-paarse gloed zette.
Hij haalde voor de vorm een blauwe snoepring tevoorschijn met een rood hartje bovenop van glinsterend plastic. Ik schoof hem vol trots aan mijn vinger. Het was het mooiste sieraad wat ik me kon wensen.

Later die avond schoven we aan op een terrasje wat verderop in het stadje. Het straatje was prachtig verlicht door kleine lampjes die aan een snoer hingen en overal aan de gevels waren bevestigd. Verderop stond een klein fonteintje waarvoor enkele muzikanten op de grond liedjes aan het zingen waren.
We bestelden allebei een cocktail, die me al naar een paar slokjes naar het hoofd steeg, die opgediend werden met kleine zoute koekjes, die in vrolijk gekleurde schaaltjes op tafel werden gezet.
Geert hield mijn hand vast en keek stralend in het rond, alsof iedereen mocht weten dat wij gingen trouwen. Hij liet hem enkel los om een slok te nemen, en later op de avond de rekening te betalen.
Ik voelde me dronken van blijdschap en wankel in mijn benen van de cocktail. Ondersteund door Geert liepen we samen terug naar ons hotel.

De volgende dag waren we bij een juwelier op het eiland ringen wezen uitzoeken. We zouden ze dan een dag voor we weer naar huis gingen op kunnen halen. We kozen voor twee eenvoudige ringen van witgoud met enkel een klein groefje in de zijkant. In de binnenkant stonden onze namen gegraveerd. De trouwdatum zouden we er in Nederland nog bij laten zetten. Ik kon haast niet wachten om het thuis aan mijn vrienden en familie te laten zien. Wij gingen trouwen! En heel de wereld mocht het weten!

‘Is dit echt wat je wilt meis?’ vroeg mijn moeder. Ze zette de koffiekopjes op de houten tuintafel, naast de schaal met cake. Mijn moeder was een kleine vrouw met lang grijs haar in een knotje op haar hoofd. Een sterke vrouw die al heel wat te verduren had gehad in haar leven. We waren vandaag naar mijn ouders toegegaan om te vertellen over ons aanstaande huwelijk.
Geert en mijn vader waren een stukje gaan wandelen.
Het was een prachtige meidag. Zonnig met een strak blauwe lucht. We zaten buiten onder de appelboom. De bloesem was al vroeg uitgebloeid geweest dit jaar en de eerste kleine appeltjes waren al zichtbaar. Het was een goed jaar geweest, weinig vorst in februari, maart, waardoor er veel bloesem aan de boom had gestaan, met een goed vooruit zicht op een vruchtbaar appeljaar.
Ik pakte mijn koffiekopje op en roerde met een lepeltje de suiker erdoorheen.
‘Ik weet het heel zeker. Hij is zo leuk!’ ik lachte stralend.
Mijn moeder knikte, niet geheel overtuigd. ‘Ik vertrouw hem niet, ik weet niet wat dat is, maar iets zegt me dat je een vergissing maakt. Maar als jij denkt gelukkig te worden met hem, wie ben ik dan om je tegen te houden. Het is tenslotte jouw leven.’
Ik pakte haar hand vast en keek haar aan, haar ogen stonden bezorgd, en ik wist dat ze moeite had om me los te laten. Trouwen was een hele definitieve stap, en zo voelde het voor mij ook. Een bevestiging van de liefde aan elkaar en voor de buitenwereld. En natuurlijk waren er wel kleine dingetjes. Zo had hij hele andere voorkeuren in bed dan ik. Maar daar kwamen we wel uit. We waren nog jong en moesten nog zoveel leren. Dat hij onvoorwaardelijk voor mij koos betekende dat alles voor me!
Stemmen in de achtertuin kondigden mijn vader en Geert aan. Mijn vader was een makkelijke man. Hij zou me nooit in de weg zitten als het om mijn keuzes voor mannen aankwam. Dat had volgens hem toch geen zin. Als ik dat wilde, kon niemand mij er meer vanaf brengen. En alle goede raad sloeg ik keihard in de wind, totdat ik zelf tot de conclusie kwam dat het niet werkte.
Geert en mijn vader namen ook plaats aan de tafel. De cake werd rondgedeeld, maar ik kon alleen maar naar mijn vader kijken.
‘Meisje, ik gun je het allerbeste. Geert heeft me er van weten te overtuigen dat hij harstikke gek op je is, en hij het beste met je voorheeft. Jullie hebben mijn zegen!’


maandag 3 juli 2017

Zondag

Zondag

Het is al gezellig druk op het plein, als we met de groep dames arriveren. We hebben ons bij Christel al helemaal omgekleed en hoeven nu enkel nog de bordjes om te hangen om onze outfits helemaal af te maken.
Er doen veel loopgroepen mee dit jaar, met uiteenlopende thema’s. Enkele hebben zelfs een politiek thema, eentje haakt erin op de lokale actualiteit door de computer hack bij de gemeente Laarbeek aan te kaarten.
De tocht voorloopt voorspoedig, al kan er niet helemaal voorkomen worden dat er halverwege de stoet een gat valt tussen de wagens en de loopgroepen als een van de wagens te hoog blijkt te zijn en aan de takken van een boom blijft haken.
Daantje geniet zichtbaar. Ze loopt vrolijk dansend en springend de hele route mee, Marlissa meetrekkend in haar enthousiasme. De andere meiden en een enkele jongen volgt haar voorbeeld.
Op het laatst waren er nog enkele wijzigingen doorgevoerd binnen de groep. Zo zouden Dany en Sam eigenlijk met zijn tweeën deelnemen aan de optocht, maar ze hadden op het laatst toch besloten om mee te doen met de meiden. Hun bolderkar werd omgebouwd tot een stoere rode kar met een mooie pop erop en met de skelter van Sam rijden ze om beurten een stukje mee.
Na afloop verzamelen we in het Anker, waar de prijsuitreiking van de optocht zal volgen.
Ik sta net in de rij voor de muntjes als ik ineens Geert voorbij zie komen in een flits. Verward kijk ik hem na, maar als ik goed kijk zie ik dat hij het niet kan zijn. Deze man heeft veel donkerder haar, en het zou ook erg vreemd zijn om hem ineens hier in Beek en Donk tegen te komen. In de tijd dat we samen gingen was hij daar bijna nooit mee naar toe gegaan, alleen als hij er niet onder uit kon ging hij mee. Mijn moeder had er nog vaak over geklaagd waarom hij nooit eens een keer gezellig met mij mee kwam. We waren tenslotte getrouwd en dan moest je ook af en toe naar je schoonfamilie, tenslotte ging ik toch ook geregeld mee naar zijn ouders. Maar hoe ik in die tijd ook praatte, ik kreeg hem nooit mee naar mijn ouders. Hij had er ronduit een hekel aan. Al was dat wat mijn moeder betreft wederzijds.
Met een klein stapeltje muntjes in mijn hand, loop ik meteen richting de bar om wat te drinken en enkele zakjes chips te bestellen, dat hebben we wel verdiend. Daantje staat nog bij de andere meiden en ze danst vrolijk mee op de klanken van K3 die nu door de zaal heen knalt. De dj heeft de muziek duidelijk afgestemd op het wat jongere publiek. Vanavond zal dat ongetwijfeld anders zijn als Joost er met zijn vrienden naar toe gaat. Hij had beloofd dat hij ook nog even een kijkje zou komen nemen in het Anker na de optocht, maar ik heb hem nog niet gezien tussen al de aanwezige mensen.
Tegen half zes komt de presentator op het podium staan om de uitslagen van de kinderoptocht bekend te maken, en tot onze grote verrassing behoren we tot de eerste 3. Al hossend begeven we ons in een lange rij naar het podium om onze prijs in ontvangst te nemen. Een snoepzak en een medaille voor de kinderen, die hem trots in ontvangst nemen van de jeugdprins en prinses.
Het is half 8 als we nog snel even bij de friettent binnen stappen om nog wat te eten. Ik heb Joost nog een berichtje gestuurd dat hij niet meer op ons hoeft te rekenen, maar hij heeft geen reactie. Ook niet als ik hem bel. Waarschijnlijk legt hij Jordy te bed.
Rond kwart over 8 rijden Daantje en ik de fietsen in de garage. Het huis oogt donker, de gordijnen zijn nog open, en alles lijkt verlaten. Ik kijk nog eens op mijn mobiel, geen nieuwe berichten. Ik probeer Joost nog een keer te bellen, maar ik krijg geen gehoor. Binnen rinkelt de telefoon.
Snel open ik de deur naar de bijkeuken, ren naar de kamer en pak de telefoon van de houder in de hoop dat het Joost is.

Ik hoor een diepe stilte, een klik en een akelige lach.

maandag 26 juni 2017

Dinsdag

Dinsdag

Nog een paar dagen en dan barst het carnaval weer los in Beek en Donk. Vanavond zijn we weer bij elkaar gekomen om met de meiden de laatste hand te leggen aan onze outfits. Samen met Daantje ben ik al vroeg naar Christel gereden.
Het is een vrolijk geheel geworden. De prachtige rood met roze rokjes, steken fel af tegen de zwarte onderkleding, terwijl de meisjes er juist extra uitknallen met hun roze leggings en rode shirtjes.
Gelukkig is er voor komende zondag droog weer voorspeld, dus hoeven we geen regenkleding te regelen.
‘Nu hoeven we alleen nog de borden te schrijven die we op onze rug gaan dragen. Ik heb hier vellen karton liggen. Ik had bedacht dat we eerst teksten gaan verzinnen, en dat ik die af laat drukken op de vellen karton, dan zorgt Mark ervoor dat ze voorzien worden van een lamineerlaagje.’
Mark zit op de bank en knikt naar ons. Hij heeft zijn zwarte haren naar achteren gekamd en knipoogt naar Christel.
‘Ik zou best wel met Christel willen ruilen. Wauw wat een lekker ding is dat toch!’ fluistert Chantal ineens in mijn oor. ‘Je haalt je toch geen gekke dingen in het hoofd, hè?’ antwoord ik. Chantal staat er nogal om bekend dat ze het niet zo nauw neemt met getrouwde mannen.
‘Nee. Natuurlijk niet, maar dan mag ik hem nog wel een mooie man vinden. Ik heb al ooit iets met hem gehad, weet je. Hij was mijn eerste vriendje.’ Ze lacht ondeugend en pakt haar glas van tafel, neemt een slok van de witte wijn, rode lipstick achterlatend op de rand als ze hem weer terug op de tafel zet. Ze ziet er sexie uit vanavond. Een laag uitgesneden jurk waarin haar borsten goed zichtbaar zijn, omsluit haar vrouwelijke rondingen. Daaronder draagt ze zwarte enkellaarsjes met een enorme hak, waarop ze moeiteloos door de kamer heen schrijdt.
Ik pak een stift en een vel papier en begon te schrijven. Het valt nog niet mee om origineel te zijn binnen het thema, maar als we een uur verder zijn hebben we toch al aardig wat leuke zinnen bedacht.
Tegen half negen rijden Daantje en ik weer naar huis. Het is eigenlijk allang bedtijd geweest voor haar. Maar omdat ook de andere meiden uit haar klas erbij waren om de outfits te passen, mocht ze toch mee vanavond.
Thuis breng ik haar naar bed. Ze gaat zonder mopperen mee naar boven en laat zich behaaglijk onder de dekens glijden, nadat ze eerst al haar knuffels gerangschikt heeft rond haar kussen. Ik geef haar een kus op haar voorhoofd en voel haar kleine armpjes om me heen als ze me zachtjes een knuffel geeft.
Beneden neem ik plaats op de bank. Joost heeft al een heerlijke kop thee voor me ingeschonken. Ik neem het warme kopje tussen mijn handen en nestel me tegen hem aan.
‘Hoe was het geweest bij de dames?’

‘Gezellig. Fijn om even iets anders aan mijn hoofd te hebben. We hebben vandaag alle kleding gepast en teksten verzonnen.’ Ik geef hem een kus op zijn mond en laat het overgaan in een hartstochtelijke zoen. ‘Je komt zondag maar gewoon kijken.’ Zeg ik, terwijl ik mijn theekopje op de tafel zet. Ik kruip dichter tegen hem aan, schuif mijn handen onder zijn trui en zoen hem opnieuw. 

maandag 19 juni 2017

Oktober 2013

Ilse kijkt terug op haar huwelijk met Geert, maar is het wel echt zo mooi als ze zich kan herinneren?

Oktober 2013

‘Wat deed die politiewagen hier voor het huis?’ Geert was eerder thuisgekomen van het werk. De agenten hadden me net thuis afgezet met al mijn boodschappen, toen hij met zijn auto aan kwam gereden.
‘Ze waren zo vriendelijk om mij naar huis te brengen. Ik kon namelijk zelf niet meer naar huis komen, ik ben met mijn knieën keihard tegen het dashboardkastje aangevlogen.’
Geert sloeg bezorgd zijn armen om me heen. ‘Oei, dat is pijnlijk. Ben je al bij de dokter geweest?’
‘Nee, nog niet, maar ik wilde ze net op gaan bellen. Ik moet trouwens ook vervoer hebben, want zo kan ik niet fietsen, mijn knieën worden helemaal dik.’
Gelukkig konden we meteen terecht bij de huisarts die al snel tot de conclusie kwam dat mijn knieën flink gekneusd waren. Ik zou de eerste paar dagen er nog niet op mogen lopen. Dat werd naar mijn werk bellen om me ziek te melden, en meteen maar even met mijn ouders regelen dat zij de sleutels van mijn appartement terug moesten brengen.
Geert was meteen heel verzorgend. Hij haalde een kussentje, zodat ik fijn met mijn benen omhoog kon gaan zitten. Regelde wat boeken om te lezen, kookte en zorgde ervoor dat hij de volgende dag wat later naar het werk kon, omdat volgens de dokter ik nog veel last zou kunnen krijgen van spierpijn van de klap.
Geert nam me meteen al veel werk uit handen. Hij regelde het autoschadebedrijf, die mijn auto meteen diezelfde dag nog op zou halen bij het bedrijf waar het nu gestald stond, en sprak ermee af dat ze eerlijk zouden bekijken of de auto het nog wel waard was om te maken. Maar ik zelf had maar weinig hoop. Het autootje was al oud, en de kans dat hij total loss zou worden verklaard was erg groot.
Het duurde een week voordat ik weer zoetjes aan de slag ging. Ik had inmiddels fysiotherapie gekregen om mijn knie zoetjes aan weer wat sterker te gaan maken en ik ging al met sprongen vooruit. Al bleef mijn linkerknie nog steeds geel en groen van de kneuzing. Mijn rechter was al zodanig genezen dat ik alweer steeds beter kon bewegen en me al snel strompelend door het huis bewoog.
Ik had inmiddels ook mijn rechtsbijstandsverzekering ingeschakeld, die meteen in onderhandeling waren gegaan met de tegenpartij. Alles zou worden vergoed, maar ik moest wel uitvoerig bijhouden welke klachten ik had overgehouden aan het ongeluk. Hier zou ik dan een schadevergoeding voor kunnen krijgen.
Geert en ik hadden inmiddels wel besloten dat er geen auto meer kwam. Hij had een auto die hij nodig had om op zijn werk te komen, en mijn werk was prima op de fiets te bereiken. Als ik al wat verder weg moest kon ik makkelijk met de bus gaan, de verbindingen vanuit Uden waren goed. En verder dan Beek en Donk kwam ik toch niet meer. Bovendien had ik nogal angst gekregen om weer achter het stuur te stappen. Een paar rijlessen boden uitkomst, maar toen de rijinstructeur voorstelde om echt een nieuwe auto aan te gaan schaffen om mijn rijvaardigheid nog verder te verbeteren haakte ik af, met de smoes dat het allemaal al stukken beter ging. Echter werd mijn rijden er niet beter op en nam Geert regelmatig plaats achter de bestuurderskant omdat hij mij niet wilde laten rijden. Volgens zijn zeggen om angst van mijn kant te voorkomen, maar het was beter geweest als ik zelf meer achter het stuur zou zijn gaan zitten, maar op dat moment vond ik het alleen maar fijn dat hij ook dat van me over nam.


maandag 12 juni 2017

Maart 2014

Maart 2014

‘We moeten het over Bianca hebben, het gaat niet goed met haar.’
We lagen samen op de bank. Ik aan de ene kant met een boek in mijn hand, Geert aan de andere kant met een laptop op schoot. Een van de nieuwste laptops die hij mee had genomen van zijn werk vol technische snufjes en veel platter dan de exemplaren die je toen der tijd in de winkel kon kopen. Er zat een pen bij waarmee je het scherm kon aanraken om zo net als met een muis dingen aan te klikken. Hij was er zo druk mee bezig dat het leek of hij mij niet gehoord had.
‘Geert?’ ‘Ja?’ hij keek verstoord op, ‘Je had het over Bianca, wat is daar mee?’
‘Ze zegt dat ze drugs gebruikt.’ ‘Oh, arme Sofie. Verschrikkelijk dat ze zulke ouders heeft. Haar vader gokverslaafd en nu valt haar moeder ook nog uit.’ Hij zuchtte. ‘Ik ga wel met haar praten, al denk ik niet dat ik er veel aan kan veranderen. Tenslotte staat haar vriendje er niet echt om bekend heel betrouwbaar te zijn. Ik verdenk hem er sterk van dat hij de dealer is van haar beste vriendin die zwaar aan de  heroïne zit. Wat gebruikt ze?’
‘Geen idee.’ Daar hadden we het ook helemaal niet over gehad. Maar het werd me wel duidelijk dat hij er meer vanaf wist, wat ik ook niet heel vreemd vond omdat hij al veel langer bevriend met haar was.
‘Is het niet beter als ze dan niet meer komt poetsen? Ik bedoel. Ik heb geen extra hulp nodig, en haar alleen laten hier in huis, terwijl ze duidelijk een probleem heeft vind ik persoonlijk niet zo’n goed idee. Dadelijk wordt het erger, en gaat ze geld van ons stelen?’
‘Dat doet ze niet,’ zei Geert stellig. ‘Als ze geld nodig heeft dan zou ze het wel vragen. Dat doet Wilco ook altijd. Ik heb ze in het verleden vaak genoeg geholpen. Ik heb zelfs mijn ex nog helemaal uit de schulden geholpen voordat we uit elkaar gingen, door alles op mij te nemen zodat zij een nieuwe start kon maken, dus nee. Stelen dat zal ze niet zo snel doen. Ik ben alleen bang dat Sofie eronder zal gaan leiden als haar moeder geen werk meer heeft.’
Ik zag dat probleem niet zo, bovendien al het geld wat er nu extra binnen kwam ging toch ook meteen weer naar die drugs, of zag ik dat verkeerd.
‘Maar als jou dat beter lijkt, kan ik ook gewoon zeggen dat je zelf tijd genoeg hebt om te poetsen. Als je maar weet dat ik je niet ga helpen.’ En daarmee was voor hem het probleem opgelost.

Op vrijdagvond kwamen de jongens altijd bij elkaar in de kleine bijkeuken, achterin ons huis voor hun gezamenlijke gameavond. Die bijkeuken had Geert samen met zijn vader helemaal geïsoleerd, voorzien van rekken en een groot bureau waarop de computers stonden uitgestald. Geert was naast zijn werk ook geïnteresseerd in computers, wat resulteerde in een grote verzameling computerschermen, toetsenborden, allerhande kabeltjes in grote bakken die door het hele huis verspreid stonden en twee complete computers die tot voor kort beneden op de tafel hadden gestaan. Nu ik erbij was komen wonen, was hij bereid om zijn computers in de bijkeuken te stallen, zodat ik toch gewoon thuis kon blijven, mocht ik dat willen, als de mannen kwamen gamen.
Er werd nog een extra computer aangesloten in de keuken, de chips, cola en m&m’s werden op de aanrecht klaar gezet. Tegen negen uur kwamen de eerste jongens binnengevallen. De eerste, Boris, had zijn eigen computerkast meegenomen die Geert aansloot op het toetsenbord en een scherm wat hij snel even van boven had gehaald. Wilco en Paul, een klein manneke van nog amper 16 jaar, met blond strak naar achteren gekamd haar, was de jongste van het stel, maar helemaal verzot op gamen.
Boris was de enige van het stel die me echt aansprak. Hij was een redelijk normale jongen, en ik kende hem nog van enkele jaren terug toen we een kortstondige relatie hadden gehad samen. Een echte relatie kon je het eigenlijk niet noemen, want we zochten elkaar enkel op als een van de twee zin had om te vrijen. Het had alles bij elkaar een jaar geduurd. Het stopte op het moment dat ik iemand anders had leren kennen.
‘Ilse, grappig dat we elkaar zo nog geregeld treffen. Geert is een goede vriend van mij. Toch vreemd dat je hem nog nooit eerder hebt ontmoet. Ik kende hem ook al in die tijd dat wij met elkaar omgingen.’ Hij lachte, zijn typische Boris lachje waar ik toen der tijd zo voor gevallen was. Ik glimlachte ondeugend terug, maar bond in toen Geert achter me kwam staan.
‘Ja, grappig inderdaad,’ zei hij. Hij glimlachte, maar zijn ogen keken me vernietigend aan, toen Boris zich omgedraaid had. Dat geflirt stond hem niet aan. Ik was van hem.
Weldra was het hele huis gevuld met schietgeluiden en enthousiast geschreeuw van de gamers als ze weer een vijand hadden verslagen. Ik probeerde zo goed en zo kwaad als het kon de televisie te volgen, maar besloot uiteindelijk om toch maar naar bed te gaan met een goed boek. Het was uiteindelijk half 5 in de morgen toen ik de voordeur dicht hoorde slaan en de laatste gamer naar huis was vertrokken.


maandag 5 juni 2017

Donderdag

Donderdag

Het is druk voor de toonbank, net op het moment dat mijn andere collega moet bijdraaien aan de kassa en de vracht is gearriveerd. Ik probeer zo vriendelijk en snel mogelijk alle klanten te helpen, maar ik kan niet voorkomen dat een van de klanten klaagt over het lange wachten. Sorry ik heb maar twee handen, wil ik zeggen. Maar meer dan sorry komt er niet uit. Gelukkig is de laatste klant een bekende, een moeder van school, die me meteen verdedigd. ‘Je ziet toch dat ze alleen staat. Ze probeert iedereen gewoon zo goed mogelijk te helpen, en ja dan moet je soms even wachten.’ De klagende klant werpt haar een vernietigende blik toe en loopt boos weg.
Ik adem nog eens diep in, voel de pijn in mijn borst alweer op komen zetten, adem nog eens in en kijk naar de moeder van Sophie, die nu voor me staat.
‘Niks van aan trekken. Ieder normaal mens kan toch zien dat je hier niets aan kan doen.’
Ik glimlach lauwtjes naar haar, neem haar bestelling op en zie mijn collega Sanne weer de afdeling opkomen.
‘Zo, wat was het daarnet druk zeg, ik denk ik kom vandaag helemaal niet meer terug op de afdeling.’ Ze loopt door naar de snijmachine, haalt een stuk vlees uit de lade, wikkelt het plastic eraf en legt het op de machine om er plakjes vanaf te snijden.
Ik voel de pijn in mijn borst met elke ademteug minder worden. Maar het duurt nog zeker een uur voor ik weer helemaal tot rust gekomen ben.
Thuis staat Joost al achter het fornuis. Hij roert in een grote pan met gehakt, paprika, ui en tomaten. Naast hem op het aanrecht staan nog twee blikjes met mais en kidneybeans. Vanavond eten we wraps.
Na het eten als ook de kinderen te bed liggen, nestel ik me met een dekentje tegen Joost aan op de bank. Hij slaat een arm om me heen en geeft me een kus.
‘Ik kreeg vandaag een telefoontje van de voorzitter van SVL. Het ging over de gemeenteraadverkiezingen die er aan zitten te komen. Hij vroeg of ik me kandidaat wilde stellen om als eerste op de lijst van de partij te komen.’
‘Leuk! Als je daarvoor tijd hebt, en het niet ten koste gaat van thuis, dan moet je dat zeker doen!’ Natuurlijk moet hij dat doen. Zo’n kans moet hij met beide handen aangrijpen. Ik weet sinds het begin van onze relatie al dat hij graag de politiek in wilde. Hij wist toen alleen nog niet goed hoe hij het aan moest pakken en bij welke partij in Laarbeek hij de meeste aansluiting had. Toen een van de leden van de SVL hun ideeën met hem bespraken, was het echter meteen duidelijk welke partij het zou worden, en sinds enkele jaren is hij dan ook een actief partijgenoot. Het mooie van de partij is dat het bestaat uit mensen die echt in de samenleving staan. Ze zijn oprecht betrokken bij wat er leeft en speelt binnen het verenigingsleven, en ze laten geregeld hun gezicht zien op evenementen en grootste gebeurtenissen binnen Laarbeek.
‘Ik hoef pas volgende week maandag definitief te beslissen, dan hebben we vergadering van de partij en gaan we meteen het verkiezingsprogramma doorspreken.’
‘Heb je trouwens nog iets gehoord van die hack bij de gemeente? Is alles nu weer opgelost daar?’
‘Toevallig had Ad het daar vandaag nog over. Nou, er blijken toch wel een paar gegevens verdwenen te zijn, maar het vreemde is, het lijkt niet echt om hele belangrijke informatie te gaan. Het lijkt er eerder op dat de hacker ons heeft willen waarschuwen, door op deze manier te laten weten dat hij tot echt alles in staat is. Ze hebben nu de systeembeheerder van Uden tijdelijk hierheen gehaald. Een handig mannetje, had alles zo weer aan de praat. En hij heeft er meteen een betere beveiliging opgezet zodat het niet meer zo makkelijk te hacken moet zijn in de toekomst.’ Joost komt overeind.
‘Ik heb wel zin in wat te knabbelen. Jij ook wat?’ ‘Nee, dank je. Ik ben nu net zo lekker bezig met sporten en gezond eten, als ik dan weer ga snoepen dan heeft het allemaal geen zin.’
Maar nu hij naast me zit met een zak chips op schoot, besluit ik toch maar even iets in een andere kamer te gaan doen, voor ik in de verleiding kom. Het is ’s avonds toch moeilijker vol te houden dan ik dacht.


maandag 29 mei 2017

Woensdag

Uit het dagboek van Ilse.

Woensdag

‘Kijk dit is het voorbeeld, en dat gaan we allemaal namaken. Ik heb hier de materialen liggen, dus we kunnen meteen aan de slag.’ Christel gebaart naar de tafel die bezaaid is met repen tule in rood, geel en oranje, ronde elastiek die dienen voor de tailleband, een tiental haarbanden en naald en garen. Ze pakt een elastiek van de tafel, neemt een stuk rode tule en knoopt deze rond het elastiek, knoopt een gele en daarna een oranje stuk tule aan de band vast en houdt hem omhoog. ‘Kijk zo maak je de rokjes. Ik hoop dat ik genoeg stroken heb geknipt, anders heb ik daar nog meer tule liggen om in repen te knippen.’
De moeders die rond de tafel verzameld zijn gaan meteen ijverig aan de slag. Ik maak een rokje voor Daantje en voor mijzelf, want we hebben toch besloten om als moeders ook mee te lopen aan de optocht. In de afgelopen weken is gebleken dat we een gezellig clubje hebben zo samen en de meiden kunnen het onderling ook leuk met elkaar vinden. Dus moeten we nu extra aan de bak om nog wat extra rokjes erbij te gaan maken.
Naast me zit Christel. Ze is erg behendig met het knopen van de tule en heeft al snel een klein rokje in elkaar geknoopt. Naast haar zit Chantal. De geruchten dat zij met Mark gaan zijn inmiddels weer wat verdwenen en het lijkt erop dat het enkel roddel is geweest, aangezien ze nu hier zit. Het is verschrikkelijk als je man er een ander op na houdt, en vooral als je daar als vrouw geen weet van hebt.  Voor Joost heb ik er nog wel eens voor open gestaan om daarin wat vrijer te zijn. Geert bleek al snel enorm van de aandacht van andere vrouwen te genieten, terwijl ik helemaal niet wist wat ik aan moest met mijn vrijheid. Terwijl hij bijna elk weekend op stap ging en geregeld met andere meiden zoenden en friemelden, was ik vooral blij met mijn verworven vrijheid, zodat ik weer zonder gedoe op stap mocht gaan met mijn vriendinnen. Met als gevolg dat Geert en ik steeds verder van elkaar af kwamen te staan. Het was het laatste jaar van ons huwelijk, en het was de laatste druppel die de emmer deed overlopen, toen hij in juni thuis kwam met het nieuws dat hij verliefd was geworden, maar omdat zij niet met hem verder wilde gaan, bleef hij toch maar bij mij. Het bleek het begin van het einde.
‘Na, afloop is er ook een groots kinderbal in het Anker. Dan volgt meteen de prijsuitreiking, en in de avond speelt er een leuke band. Ga je ’s avonds ook gezellig mee?’ vroeg Christel. Ze haalde me onverwachts uit mijn gedachten, druk als ik was met knopen wat ik in alle stilte had gedaan, mijn gedachten mijlenver van hier.
‘Gezellig! Ik zal even vragen of Joost dan ook op stap gaat, anders moeten we nog oppas regelen.’
‘Het zou leuk zijn als je mee gaat. Dennis komt ook, die is dan weer terug van zijn zakenreis. Hij heeft het speciaal zo gepland dat hij met de carnaval vrij is. Grappig eigenlijk dat jullie ooit wat hebben gehad met elkaar. Heb je er ooit iets van gemerkt dat hij niet op vrouwen viel?’
‘Nee, eerlijk gezegd niet. Hij was zo lief, had heel veel geduld met vrijen, hij wilde best wachten tot ik er aan toe was. En we waren ook nog best jong toen we iets kregen samen. Hij was er voor zichzelf nog lang niet uit. Tot hij meer oog had voor Maikel dan voor mij, toen werd alles ineens duidelijk.’
Ik lach. Dennis was zo’n lieve jongen die alles voor je over had, heel serieus dat wel, maar hij wilde nooit iets overhaasten en dat vond ik zo fijn aan hem. Al de andere jongens die ik voor hem had gehad wilden altijd maar een ding en daar wilde ik eerst meer zekerheid voor hebben. Totdat we Maikel ontmoeten in de kroeg. Maikel was tegen mij aangelopen met een glas bier, waardoor ik helemaal onder zat. Hij had zich verontschuldigd en geprobeerd om de schade zoveel mogelijk te beperken met een handdoek die hij van het barpersoneel had gekregen. Dennis had het van een afstandje gade geslagen en kwam naar mij toe om te vragen wat er aan de hand was. Maikel had hem het hele verhaal verteld en ik zag meteen een verandering in Dennis ogen, een blik die ik niet van hem kende. Hoe hij Maikel in zich opnam, met zijn grijsgroene ogen, zijn wilde bos krullen en zijn bijzondere kledingkeuze was hij een mooie jongen om te zien, zo had hij nog nooit naar mij gekeken. De rest van de avond stond ik alleen, en was het voor mij meteen duidelijk. Het was over tussen Dennis en mij. Ik glimlach en knoop de laatste strookjes tule aan de band vast. Het eerste rokje is klaar. Ik pak een nieuwe iets kleinere band van de stapel en begin aan de volgende.
Tegen tien uur ligt er een aardige stapel rokjes op de tafel voor ons. Al het tule en elastiek is opgebruikt en zelfs de haardbanden zijn veranderd in vrolijke creaties.
‘Als iedereen nou zijn maat doorgeeft aan mij dan bestel ik rode shirtjes met lange mouwen en rode leggings.’ Zegt Christel. Ze schenkt de glazen vol die voor ons op tafel staan en gooit nog wat chips in een schaal.
‘Kunnen we niet beter zwarte leggings erbij aan trekken? Is dat niet veel mooier?’ gaat Chantal ertegenin. ‘Misschien,’ antwoord Christel. ‘Wacht ik heb nog wel een zwarte legging liggen, en ik meen ook nog een rode, dan kunnen we meteen even kijken.’
Na een hele verkleedpartij komen we tot de conclusie dat de kinderen een rode legging en een rood shirt aan doen, en wij allemaal zwarte kleding eronder aan trekken. Met de gekleurde bretels en het rode jasje erbij wordt het een vrolijk geheel.

Tegen 11 uur ben ik thuis. Joost ligt al te bed, ik leg nog even de gymspullen klaar voor Jordy, zet de fruittrommels op het aanrecht, dek alvast de tafel voor het ontbijt, voordat ik ook naar bed ga. Morgen weer een dag.

maandag 22 mei 2017

Maart 2014

Ilse kijkt terug op haar huwelijk met Geert. Was het allemaal maar schone schijn?


Maart 2014

Om het huisje toch een beetje eigen te maken, besloot ik om wat meer kleur toe te voegen aan het interieur. Helaas ging dit niet zonder slag of stoot. Geert was het er in eerste instantie totaal niet mee eens dat er ook maar iets in huis veranderd zou worden en hij werd dan ook meteen heel boos. Pas toen zijn moeder hem had verteld dat we wel samen in dit huis woonden en een beetje kleur het huis misschien wel wat op zou frisse, besloot hij om alvast een muur in de kamer te gaan behangen. Op een zaterdag besloten we om samen naar de winkel te gaan en een tiental staaltjes behang uit te kiezen.
Na veel wikken en wegen kozen we uiteindelijk voor een terracottakleur. De witte kast die ik mee had genomen van mijn appartementje stak er mooi tegen af, en maakte de kleur meteen wat minder fel, al had het voor mijn gevoel toch echt wat feller mogen zijn.
De kast was meteen het enige wat ik had meegenomen van mijn appartement. Al de andere meubels had ik weggegeven aan een kennis van Geert die er erg mee omhoog zat omdat hij net gescheiden was en daarom wel wat meubels kon gebruiken. Toen ik daar later een keer op bezoek kwam kon ik mijn meubels echter nergens meer terug vinden en mijn vermoeden dat hij ze gewoon had doorverkocht op marktplaats werd daarmee bevestigd.

Geert had een werkster, een vriendin van hem die een kindje had en graag wat bij verdiende in de tijd dat het kindje op school zat. Zo hielp hij haar aan wat extra centjes, en was meteen zijn huis gepoetst. Sinds we samen woonde was het echter niet meer zo hard nodig dat ze nog kwam poetsen, maar Geert stond erop dat we haar nog even aan zouden houden, zij had het geld hard nodig volgens hem. Bianca, een prachtige slanke jonge vrouw met lang zwart haar tot op haar billen en de ex van Wilco. Toen het stel nog bij elkaar was en Geert nog bij de zus van Bianca was, gingen ze veel met elkaar om. Totdat bleek dat Wilco gokschulden had en daar langzaam Bianca in mee begon te trekken. Langzaam aan werd hun relatie erdoor verslechterd en draaide het uit op een breuk. Zijn bleef achter met haar dochtertje en een heleboel schulden.
Bianca kwam elke woensdagochtend poetsen. Dan deden we samen het werk verdelen en was ik meteen klaar voor de rest van de week. Ik vond het persoonlijk overbodig, maar het was wel gezellig. We begonnen samen rond een uur of half 9 en namen dan rond half 11 eventjes de tijd om wat te drinken voor we alles deden stofzuigen en dweilen.
Het was me al enige tijd opgevallen dat ze veel was afgevallen. Haar gezicht nog spitser, dunne polsen, ingevallen ogen en wangen deden vermoeden dat ze of een eetstoornis had of dat er andere problemen waren die haar eetlust ontnamen.
Op een ochtend, toen ik net de thee voor ons op tafel had gezet, begon ze er ineens zelf over.
‘Ik voel me soms zo schuldig.’ Ze wreef enigszins zenuwachtig over haar pols, en keek vertwijfeld naar haar theekopje. ‘Ik ben de hele week alleen nog maar bezig met het weekend. Ik heb gewoon geen oog meer voor Sofie, alles lijkt alleen nog maar om het weekend te draaien en het verkrijgen van dat spul. Ik merk ook wel dat het niet goed voor me is. Ik bedoel dat afvallen is echt niet omdat ik op dieet ben ofzo. Maar ik probeer het echt weet je. Ik probeer het echt om er mee op te houden. Om te stoppen met die troep. Maar dan komt mijn vriend weer, en dan heeft hij weer wat kunnen scoren en dan is het weer zo fijn om alle ellende te vergeten. En ik mag ook wel eens wat toch? Ik mag toch ook wel eens wat voor mezelf hebben? Maar ik voel me dan toch elke keer weer zo schuldig als ik dan weer Sofie kijk. Ze verdient veel meer dan een moeder die de hele week alleen maar naar het weekend toeleeft om weer te kunnen gebruiken.’ Ze keek me onzeker aan. Ik wist niet goed wat ik moest zeggen. Dat het niet goed voor haar was, dat ze moest stoppen, hulp moest zoeken. ‘Mijn moeder is het echt helemaal zat. Ze kan het gewoon niet aanzien dat ik mezelf zo de vernieling in help. ‘Het lost niets op,’ zegt ze elke keer. En dat weet ik ook wel. Het lost mijn problemen met Wilco niet op. Zijn smsjes worden niet minder, mijn schuldgevoel naar Sofie dat ik haar tekort toe wordt ook alleen maar erger, en ondertussen denk ik dat ik er aan verslaafd ben. Maar hoe kom ik ervan af. Iedereen gebruikt het. Al mijn vriendinnen en mijn vriend kan zo gemakkelijk aan dat spul komen, weet je. Dus de verleiding om het weer te doen is zo groot.’
Het was een vraag om hulp, maar ik wist me er geen raad mee. Wat kon ik doen om haar te helpen? Mijn enige reactie was nee, niet weer een probleemgeval. Na Wilco, en de man in scheiding, en de vrijgezelle vader waar Geert geregeld op ging passen als ie op zakenreis was, was er nu Bianca die om hulp vroeg, en naast haar problemen met geld, haar kindje en haar ex nu ook nog een drugsverslaving had. De problemen bleven zich maar opstapelen. In wat voor wereld was ik in hemelsnaam beland?



maandag 15 mei 2017

Maandag

Geert was dol op gamen. Hij kocht geregeld nieuwe spelletjes die hij samen met zijn vriend Doris betaalde. Zo bleef het nog redelijk betaalbaar om steeds de nieuwste games in huis te hebben. Naast gamen was hij vaak uren kwijt achter de computer met andere dingen. Zoals hij zelf zei voor zijn werk, maar omdat ik me er niet voor interesseerde vroeg ik er niet naar. Het was duidelijk dat hij ook liever niet had dat ik erbij was als hij op de computer bezig was. Het was dan beter voor mij om me niet in de buurt van de bijkeuken te begeven. Die paar keer dat ik het wel deed om hem wat te drinken te brengen werd ik weer weg gestuurd, nog voordat ik kon zien wat hij aan het doen was had hij het scherm al weggeklikt. Ik verbaasde me er enkel over waarom hij altijd twee computers aan had staan, terwijl hij toch altijd maar met 1 game bezig leek te zijn. Maar omdat ik geen verstand had van computers liet ik het er verder bij, en ging ik elke keer als hij in zijn hok zat iets voor mezelf doen.

Maandag

‘Heb je je nooit afgevraagd wat hij op die computers aan het doen was?’ vraagt van Etten. Hij haalt een hand door zijn zwarte haren en slaat zijn ene been over zijn andere heen.
Het is aangenaam warm in de kamer, het zonnetje schijnt door de hoge ramen naar binnen, recht op de bank waarop ik lig.  
‘Nee, eigenlijk niet. Hij was vaak bezig met downloaden van films of muziek, maar in die tijd was iedereen daar mee bezig. Bovendien was het zijn werk om met computers bezig te zijn, dus was zijn interesse ook helemaal niet vreemd. Hij had me wel eens verteld dat je je makkelijk onzichtbaar kon maken op het internet. Daar had je speciale software voor die je ip-adres constant veranderde. En ik weet nog dat je werkelijk niks meer van hem terug kon vinden op het internet. Ja een website die hij ooit eens gemaakt had om wat uit te proberen met scrips, maar daar stonden enkel wat stomme plaatjes op van Beavis and Butthead.’
Ik ga rechtop in de bank zitten en probeer een geeuw te onderdrukken. De warmte heeft me loom gemaakt. Ik kijk op de klok en zie dat de sessie bijna voorbij is. We zijn nu eindelijk op het punt gekomen waar het allemaal om draait. Zijn computer en zijn eindeloze drang om daar zovele uren achter door te brengen. Zoveel uren dat het soms leek dat niets belangrijker was dan dat scherm voor hem op het bureau. Hij had er meer belangstelling voor dan voor mij. Dat was zeker.
‘Goed. We komen langzaam tot de kern van de zaak. Zijn ongewone belangstelling voor de computer. Voor de volgende keer wil ik dat je wat dingen voor jezelf op een rijtje zet. Heb je ooit dingen aan hem gemerkt als hij op die computers bezig was? Had hij bepaalde voorkeuren voor de games die hij speelde? En vanaf wanneer begon je het echt op te vallen dat hij meer belangstelling had voor de computer dan voor jou?’
Hij staat op van zijn stoel, ik volg zijn voorbeeld en geef hem een hand. Buiten haal ik mijn fiets van het slot en rij  naar huis. Het is licht gaan regenen en kleine druppeltjes doorweken mijn broek die al weldra klam om mijn benen plakt. Mijn winterjas geeft nog wat langer bescherming, pas als ik thuis ben merkt ik pas hoe koud ik het heb. Ik ril over heel mijn lijf en voel zoetjes aan de pijn weer opkomen in mijn borst, mijn armen beginnen te tintelen en mijn ademhaling versnelt. Ik probeert mezelf te kalmeren, maar kan zo snel niet voorkomen dat ik even totaal in paniek raak. Pas als de tranen over mijn wangen stromen kom ik weer een beetje bij zinnen. Dit is hij niet waard. Hij mag mijn leven niet meer zo beïnvloeden. Om op Ilse, je kunt het . Je bent sterk. Hij kan je niets meer doen.
Net op dat moment gaat de telefoon, ik laat hem rinkelen tot hij stopt, sla mijn handen voor mijn ogen en zak huilend in elkaar op de grond. Pas als ik de beltoon van mijn mobieltje hoor kom ik weer een beetje bij zinnen. Ik kom overeind, haal mijn telefoon voor de dag en neem op als ik zie dat het Joost is die belt. ‘Met Ilse,’ ik snik nog na als ik zijn vertrouwde stem in mijn oor hoor.
‘Meisje toch. Het was heftig bij de therapie zeker?’ Ik knik, en fluister zachtjes ja.
‘Doe maar rustig aan, pak lekker een bad, ik kom er nu aan om de kinderen op te halen dus maak je daar ook maar niet druk over.’
Ik knik bevestigend en zeg ja als ik besef dat hij dat natuurlijk niet kan zien aan de andere kant van de lijn. Ik zucht opgelucht als ik wat later ophang. In de wetenschap dat hij er voor de kinderen is, en dat ze allemaal zo naar huis komen loop ik naar boven naar de badkamer, laat het bad vollopen en kleed me uit. Het water voelt heerlijk bevrijdend. Ik kan me eindelijk ontspannen, en de pijn in mijn borst wordt met elke ademteug minder. Beneden hoor ik de telefoon weer rinkelen. Maar ik blijf stil liggen in het warme water. Voor nu ben ik er even niet.


maandag 8 mei 2017

Dinsdag

Dinsdag

Valentijnsdag. Ik lig op de bank bij de psycholoog. We hebben zojuist enkele herinneringen samen doorgenomen die ik op papier heb gezet. Het is nog niet veel, maar volgens hem hebben we al een mooi begin gemaakt. Ik kijk naar hem, terwijl hij in zijn stoel zit, een notieblok op schoot waarin hij zo nu en dan aantekeningen maakt. Het is een man, van middelbare leeftijd, zwart haar, een beetje grijs al bij de slapen. Een klein brilletje staat op zijn neus, zijn ogen zijn op mij gericht.
‘Als je zo alles voor jezelf op een rijtje zet, hoe voel je je daar dan bij?’
‘Gewoon goed. We hebben hele leuke dingen gedaan samen. Hij was een fijne man om mee te praten, hield van uit eten gaan, mooie kleren, eindeloos shoppen. Hij had ook een uitgesproken mening over het inrichten van het huis. Als hij iets bedacht had dan moest het ook precies zo gebeuren zoals hij het graag wou en niet anders. Maar hij had wel smaak. Wat dat betreft ben ik echt waardeloos als het op inrichten van huizen aankomt. Als het maar gezellig en functioneel is, dan vind ik het al een heel eind goed.’
‘Hij was een perfectionist.’ Concludeert de beste man, hij strijkt met zijn hand over zijn kin. Ik probeer op zijn naam te komen. De heer van Etten, Pieter van Etten. Ja, dat was het. Ik zit zo met mijn hoofd in het verleden dat ik soms alles om me heen vergeet.
Van Etten staat op uit zijn stoel, ik kom overeind en ga voor de bank staan.
‘Voor vandaag houden we het voor gezien. Ga gewoon door met schrijven. Je bent op de goede weg. Ik had ook niet verwacht dat je nu al meteen tot de kern zou komen, dit heeft zijn tijd nodig. Jullie zijn zoveel jaren samen geweest, dat schrijf je niet ineen keer allemaal op.’ Hij geeft me een stevige hand en begeleidt me naar de deur van zijn praktijk. ‘Dan zie ik je volgende week dinsdag weer!’
Ik loop zijn kamer uit, verlaat het gebouw en loop naar het fietsenrek. Ik haal mijn telefoon voor de dag en zie dat ik 4 gemiste oproepen heb. 3 van een onbekend nummer en eentje van Joost.
Ik stop mijn telefoon weer terug in mijn tas en spring op de fiets. Het is heerlijk weer voor februari. Voor morgen hebben ze zelfs 15 graden voorspeld, wat nu moeilijk voor te stellen is met deze koude wind. Ik trek de kraag van mijn jas nog wat verder omhoog. De zon schijnt fel in mijn gezicht, maar voelt heerlijk aan op mijn huid. Ik baal ervan dat ik mijn zonnebril niet op heb, maar wie had van het weekend nou kunnen bedenken dat het zulk mooi weer zou worden. Het voelt bijna als lente!
Even voel ik me ongerust over het onbekende nummer dat me al sinds gisteren probeert te bellen, maar ik bedenk me dat het vast een loterij is. Die blijven je tenslotte ook net zolang bellen totdat je een keer opgenomen hebt.
Thuis zet ik mijn fiets in de schuur, en schenk ik een glas water in. Ik bel eerst Joost terug.
‘Hoi lieverd, hoe was het bij de psycholoog?’
‘Goed we vorderen gestaag. Heb je trouwens nog iets van de hack bij de gemeente gehoord?’
‘Nee, daar zijn ze nog steeds volop mee bezig. Er schijnt minder schade te zijn aangericht dan ze in eerste instantie dachten. Voor zover ze nu weten zijn er geen persoonsgegevens gestolen, maar het is natuurlijk moeilijk te controleren met zoveel inwoners. Vooralsnog lijkt het erop dat de dader er vooral op uit was om ons te waarschuwen dat onze beveiliging niet op orde was. Maar even iets anders, zorg jij ervoor dat je om half 5 thuis bent.’
‘Waarom?’
‘Dat merk je dan wel.’
‘Is goed, ik had verder geen plannen voor vanmiddag.’
‘Prima, dan zie ik je vanavond. Ik hou van je lieverd.’

‘Ik hou ook van jou, tot vanavond.’ Ik hang op met een lichte opwinding in mijn buik. Zou hij dan toch aan Valentijn hebben gedacht?

maandag 1 mei 2017

Zaterdag

Zaterdag

Joost is het hele weekend weg met vrienden, dus ben ik samen met de kinderen van plan er een lekker rustig weekendje van te maken. Het heeft gesneeuwd, en als we met zijn drietjes met de slee door het dorp heen lopen is het gezellig druk in de straat met kinderen die samen met hun vader of moeder druk doende zijn met sneeuwballen rollen, al weldra wordt de straat bevolkt door een vrolijk wit sneeuwpoppenvolkje, met bonte mutsen en sjaals en prachtige oranje wortels als neus. Hier en daar wordt er een sneeuwbal naar onze hoofden geslingerd, maar het levert alleen maar een heleboel vrolijke gezichten op. Een keer gaat Jordy zelfs van de slee af om wat sneeuw op te pakken, er een bal van te rollen tussen zijn handschoenen en de bal vervolgens terug te gooien naar de jongens die even daarvoor nog op ons gemikt hebben. Hun lol kan niet meer op, en al weldra zijn ze verwikkeld in een heus sneeuwballengevecht. Daantje vindt het maar niets en gebaart dat we door moeten sleeën. Ik trek de slee lachend verder.
Na een klein uurtje zitten we weer binnen. De kinderen hebben een warme beker chocolademelk gekregen en ik hou een grote mok koffie tussen mijn koude handen. Sneeuw is mooi, maar de kou is niet helemaal mijn ding.
De telefoon gaat, ik verwacht Joost aan de lijn te krijgen, maar ik hoor alleen een ijzige stilte. Ik wacht tot er iemand begint met praten, maar hoor enkel wat zacht gerommel op de achtergrond, gevolgd door een klik en een vrouwelijke computerstem die goodbye zegt, waarna de verbinding verbroken wordt. Met een akelig gevoel zet ik de telefoon weer terug op de standaard en ga weer op de bank zitten. De kinderen kijken me verbaasd aan. ‘Wie was dat mama?’
‘Geen idee.’
‘Was dat papa?’ probeert Daantje nog.
‘Nee, niet papa. Gewoon iemand die een beetje lollig denkt te zijn.’
In een opwelling pak ik mijn mobieltje erbij en tik rare telefoontjes goodbye in het zoekvenster van google. Al snel verschijnen er enkele hits in het scherm. Ik klik de eerste aan en lees de ervaringen van meerdere mensen die met telefoontjes te maken hebben gehad. Sommige waren na het telefoontje nog weken lang lastiggevallen door een medewerker van Microsoft die beweerde dat hun computer gehackt was, andere hadden na dat telefoontje nergens geen last meer van gehad.
Gelukkig ben ik niet de enige is mijn eerste gedachten. Voor de zekerheid wijs ik de kinderen er toch nog even op dat ze niet meer zomaar de telefoon mogen opnemen. Ze kijken me niet begrijpend aan.
‘Kunnen die mensen dan ook hier binnen komen?’
‘Nee, gelukkig niet,’ probeer ik Jordy gerust te stellen. Ze hebben alleen maar een telefoonnummer, en daarmee kunnen ze niet in je huis komen, probeer ik mezelf gerust te stellen. Maar het lukt me niet helemaal om het akelige gevoel dat me is bekropen van me af te schudden.
Voor de zekerheid heb ik ’s avonds de stekker van de telefoon eruit getrokken wat me meteen een verontrust telefoontje van Joost oplevert.
‘Alles goed daar bij jullie?’
‘Ja, alles goed. We hebben vandaag fijn in de sneeuw gespeeld.’
‘Wat leuk, was er veel sneeuw gevallen?’ gerommel op de achtergrond. ‘Ja, is goed. Ik kom er zo aan! Wij hebben alleen een beetje sneeuw onderweg gehad, maar hier is het verder alleen maar regen wat er valt.’
‘Er was een aardig laagje gevallen, maar het meeste is inmiddels alweer weg.’
‘Ilse, is alles goed? Waarom heb je je telefoon afgesloten?’ hij klinkt bezorgd.
‘Ik kreeg een vreemd telefoontje.’ Zeg ik en leg hem uit wat er gebeurd is, dat ik op google heb gezocht om te kijken of er meer mensen hetzelfde hadden meegemaakt, en dat het dus eigenlijk wel mee lijkt te vallen.
‘Ik ken jou Ilse, als jij denkt dat het allemaal wel meevalt, dan trek jij er niet zomaar de stekker uit.’ Hij zucht. ‘Laat je niet bang maken, meid. Het is gewoon een bende die op die manier probeert om telefoonnummers te achterhalen, zoals je zelf net al zei. Niks aan de hand dus. Maar als je het niet vertrouwd dan bel je toch gewoon de politie?’
‘Het was een anoniem nummer. Daar kunnen ze toch niks mee. Laat maar. Ik laat er gewoon de stekker uit totdat jij weer thuis bent, niks aan de hand.’ Ik kan hem bijna horen glimlachen door de telefoon. ‘Niet lachen!’ zeg ik, en ik weet ook best dat mijn angst ongegrond is, maar toch ben ik nog steeds niet helemaal gerust.
‘Hoe laat denk je morgen thuis te zijn?’
‘We vertrekken na het avondeten, dus ik verwacht tegen middernacht thuis te zijn, maar maandag ben ik ook nog vrij, dan kan ik mooi de kinderen naar school brengen!’
Als ik wat later ophang voel ik me alweer een stuk beter.


maandag 24 april 2017

Oktober 2013

Oktober 2013

Om 3 uur was de sleuteloverdracht bij de woningstichting in Beek en Donk. Ik was al op tijd weggereden bij de supermarkt, zodat ik nog ruim de tijd had om me nog even om te kleden en de papieren te pakken. Ergens was het best nog een spannend moment, en eerlijk gezegd ook wel erg snel gegaan. Het was nooit mijn bedoeling geweest om mijn appartementje al zo snel weer vaarwel te zeggen, maar er wachtte me een nieuwe uitdaging die ik met beide handen had aangegrepen.
Mijn ouders hadden me voor gek verklaard, hoe kon ik nou al zo snel met die jongen gaan samenwonen, ik kende hem nauwelijks. Bovendien mijn moeder had er geen goed gevoel bij, wat ik wijde aan het feit dat ze zoveel uren in mijn appartementje hadden doorgebracht om het helemaal naar mijn zin te maken. Dat ik dat zo snel weer op kon geven daar snapte ze helemaal niets van.
Na vier kijkers was er nog steeds niemand die het appartementje over wilden nemen, omdat ze meeste afgeschrikt werden door de felle kleuren behang op de muren. De overhandiging van de sleutel was dan ook puur bedoelt voor mij, om alles definitief af te sluiten met de woningstichting.
Ik reed met mijn wagentje naar mijn nieuwe thuis. Een nieuwe toekomst tegemoet.
Plots een auto van rechts die ineens de weg oprijd. Ik ging volop de rem, maar kon niet meer voorkomen dat ze de voorkant van de auto volledig in de prak reed en ik keihard met mijn knieën tegen het dasboardkastje aanvloog.
Beduusd bleef ik zitten. De bestuurster uit de andere auto is inmiddels uitgestapt.
‘Sorry, sorry, ik had je niet gezien. Ik dacht… gaat het?’
‘Ik kwam met een door pijn vertrokken gezicht voorzichtig uit mijn auto, maar het lukte me niet om op mijn benen te gaan staan. De schrik zat er goed in. De mevrouw belt de politie, die wat later aangereden kwamen en onze auto’s van de weg af reden zodat het overige verkeer weer verder kon rijden. Ik belde totaal in de war Geert op. ‘Ik kom er zo snel mogelijk aan. Gaat het?’

De agenten hielpen ons met de schadeformulieren, de sleepdienst werd gebeld, en ik mocht achterin de politiewagen plaats nemen met al mijn boodschappen, waarna ze me netjes bij mijn nieuwe thuis afzetten. Mijn moeder was intussen al op de hoogte gebracht van alles, en ze had al contact gehad met de woningstichting over de sleutel. Gelukkig kon de afspraak verzet worden naar een later tijdstip, maar het was uiteindelijk mijn moeder die de sleutel ingeleverd had, mijn auto bleek total loss. Alles wat ik had was ik in een klap kwijt. 

maandag 17 april 2017

Augustus 2013

Augustus 2013

Het was een snikhete maand. De overheid had een hitteplan in werking gezet, wat zelfs consciënties had voor het energie en watergebruik. Dit omdat er al maanden geen regen meer was gevallen in het rivierengebied, waardoor de waterstanden erg laag waren, wat weer gevolgen had voor de watermaatschappijen en voor de industrie die van het water gebruik maakten om hun motoren te koelen. Ook de frisdrankhandel kon de vraag naar drank amper aan, en er waren zelfs al verschillende wijken zonder stroom komen te zitten omdat de vraag naar energie enorm was toegenomen door het gebruik van airco’s en de koelingen die op volle toeren moesten draaien om alles op temperatuur te houden.
In de heetste week van de maand waren we met zijn tweeën naar Spanje vertrokken. Met het vliegtuig. In Barcelona werden we opgehaald door Frederik en de kinderen, waarna we meteen door waren gereden naar een pretpark dat wat verderop langs de kust te vinden was. Het was een prachtig pretpark, maar door de hitte, de korte nacht en de weinige rustmomenten tussendoor had ik migraine gekregen, waardoor ik geregeld stil moest houden om even bij te komen. Geert hield er totaal geen rekening mee. Hij ging veel liever met de andere de attracties af, waardoor ik geregeld een half uur of langer zat te wachten in de schaduw.
De rest van de vakantie waren er maar weinig momenten waarop we echt samen waren. Enkel de nachten, alle andere uren van de dag waren er constant de kinderen van Frederik die om aandacht vroegen. Het was wel fijn dat hij het avondeten voor zijn rekening had genomen, waar Geert geregelmatig even aan mee hielp.
De laatste dag van de vakantie, de dag dat we weer vertrokken naar Nederland, betrok de lucht en kregen we een zware onweersbui te verwerken. We schuilden in de tent, al was het best akelig om onder de bomen het onweer af te moeten wachten. Het regende en donderde zo hard dat we even bang waren dat alles weg zou spoelen op de camping, en ik hield al angstvallig de bordjes nooduitgang in de gaten. Later bleek dat wij er nog goed vanaf waren gekomen. Verderop in Barcelona waren er meldingen binnen gekomen van een tornado, en het vliegverkeer was zelfs even stil komen te liggen, waardoor alles vertraging op had gelopen.
Het was een spetterend einde van onze eerste vakantie.


maandag 10 april 2017

Vrijdag

De vergadering was druk bezocht. Iedereen van de versafdeling was aanwezig, alleen voor de hulpkrachten had Sjoerd, onze afdelingschef, een kleine man met een blond stekeltjeskapsel, een andere avond ingepland. Nadat iedereen voorzien was van koffie en thee en een koekje, ging hij meteen aan de slag met de presentatie van het vers aandeel, het kostenplaatje en het aantal in te zetten uren. Ik kon me echter maar moeilijk concentreren. Mijn gedachten dwaalden af naar het journaal van gisterenavond melding werd gemaakt van een hack bij de gemeente Laarbeek waarbij een hele reeks privégegevens van inwoners op straat waren beland. Joost kwam er gisteren al mee thuis, als lid van de partij SVL, Samen Voor Laarbeek, was hij al vrij vlot op de hoogte gesteld van dit slechte nieuws. Er was nog weinig bekend over de toedracht van het gebeuren en diversen ICT-ers van de gemeenten waren al druk in de weer om de schade te beperken en uit te zoeken in welke hoek de dader gezocht moest worden. De leden van SVL waren bij elkaar geroepen om oplossingen aan te dragen en samen met de netwerkbeheerder te zorgen voor een betere beveiliging. Daarnaast was het zaak de inwoners van Laarbeek zo snel mogelijk op de hoogte te stellen.
‘Ilse? Gaat het?’
‘Sorry, problemen bij de gemeente Laarbeek.’
‘Dat heb ik gehoord ja. Dat was in het nieuws. Daar was het gehele netwerk gehackt en alle gegevens van de bewoners liggen op straat toch?’ Sanne was meteen bezorgd naar haar toegekomen, ze had de koffiekan nog in haar hand.
‘Ja, zo lijkt het. Ze zijn nu met man en macht aan het werken om de schade zoveel mogelijk te beperken. Joost is er ook meteen naar toe gegaan, er is een spoedvergadering belegd.’
‘Hier, neem nog wat koffie, of wil je liever iets anders?’
‘Dames, we gaan zo weer verder,’ kwam Sjoerd ertussen, ‘Dus neem nog snel wat te drinken en ga dan weer zitten, dan kunnen we allemaal op tijd naar huis vanavond.’
‘Eikel,’ siste Sanne, ‘Moet zeker op tijd naar huis van zijn vriendin.’ Ze liep weer terug naar haar stoel, waarna meteen de vergadering weer werd hervat.
Vandaag sta ik weer samen naast Sanne op de afdeling. Ze heeft 6 pizzabodems op de werkbank gelegd en is druk doende om de tomatensaus erop te verdelen. ‘En wat vind jij ervan dat we vanaf maart ook de koopavonden en zaterdagen voor onze rekening moeten nemen?’
‘Zolang het niet elke zaterdag is en niet elke vrijdagavond is het nog wel te regelen, anders moeten we toch echt op zoek naar een oppas voor de avonduren.’ ‘Heb je dat ook tegen Sjoerd gezegd?’
‘Ja, maar dat is mijn probleem, zegt hij. Ik heb gewoon te komen op de tijden dat ik ingeroosterd ben, hoe ik het thuis oplos is niet zijn probleem.’ ‘Ik zit al met precies hetzelfde probleem. Kijk op de dagen dat ze bij hun vader zijn kan ik best komen werken natuurlijk, maar als ze bij mij zijn wordt het een ander verhaal. En ik kan het me niet veroorloven om een oppas te betalen voor die dagen. Ik red het nu nog maar net.’ Sanne is een alleenstaande ouder. Ze heeft in haar leven geregeld de verkeerde mannen tegen het lijf gelopen, en de pech gehad dat ze ook nog eens niet bijdragen in de alimentatie. De eerste ging er meteen vandoor toen ze wist dat ze zwanger was, en de tweede bleek zoveel schulden te hebben dat hij het zich niet kon veroorloven om haar ook nog te betalen.
‘Ik ben alleen zo bang dat als ik er iets van zeg, dat ik dan juist de meest ongunstige tijden krijg,’ verzuchtte ze. ‘Dat kan hij toch niet maken?’ ‘Oh nee? Nou reken er maar niet op dat hij met je mee gaan denken. Hij heeft zelf geen kinderen, dus hij heeft geen idee hoeveel regel het allemaal is om te blijven werken.’ Ze tilt een van de bakjes in het kleine koelinkje dat voor haar staat op en haalt het eruit. ‘Verdorie, waarom doen ze er altijd zoveel in. Wanneer leren ze nou eens dat je alleen de ingrediënten moet openmaken die je ook meteen kunt verwerken.’ Ze zucht, zet het bakje op de wasbak, haalt nieuwe paprika uit het kastje onder de werkbank en snijdt het in stukjes op de werkbank. Ik zucht, sommige leren het nooit.


maandag 3 april 2017

Donderdag

Ik kijk op van mijn notieblok. Meende ik nou stemmen te horen? Snel kijk ik op de klok, maar het is nog maar half 3, te vroeg voor de kinderen om al naar huis te komen, dus dat kan het niet geweest zijn. Ik was zo verdiept in het schrijven dat ik alles om me heen een beetje uit het oog verloren ben. Ik berg mijn notieblok op, kijk nog even naar de laatste regels, voordat ik het blok in de la leg.
Zoetjes aan beginnen de herinneringen weer terug te komen. Alles van het prille begin, waarin alles nog heel normaal leek, we nog een prille relatie hadden waarin we elkaar nog aan het aftasten waren. Hij me voorstelde aan zijn vrienden, en ik hem introduceerde bij mijn vriendinnen, al had hij de meeste al tijdens het uitgaan ontmoet. Ik zucht en loop terug naar de keuken om een lekkere kop koffie voor mezelf in te schenken. Ik zet de beker op het aanrecht en loop naar de bijkeuken om de was uit de wasmachine te halen. Met de wasmand onder mijn arm loop ik de trap op naar boven, waar ik de kleren een voor een uitschut alvorens ze aan de waslijn te hangen. Als ik klaar ben heb ik nog net tijd om een nieuwe was aan te zetten en nog even van mijn koffie te genieten voor ik de kinderen weer op moet gaan halen.
Daantje heeft afgesproken met Zara, en Jordy neemt Sam mee naar huis. De jongens vinden al snel hun weg in de tuin, en de meiden verdwijnen naar de speelhoek in de serre. Als iedereen voorzien is van drinken, heb ik mooi de tijd om alvast aan het eten te beginnen, zodat we op tijd klaar zijn voor als de oppas vanavond komt. Na het eten moet ik namelijk meteen door naar het werk, waar we een vergadering hebben over de nieuwe aanpak op de versafdeling. Het hoofdkantoor heeft namelijk de regels met betrekking tot de uren die in mogen worden gezet weer aangescherpt, wat in de praktijk betekend dat we met alleen al de vaste medewerkers al bijna alle uren ingevuld hebben. Echter is het lastig om dan ook alle tijden bezetting te hebben, aangezien we 7 dagen per week geopend zijn. Om dat te bewerkstelligen is er een plan van aanpak nodig en wordt er van ons medewerkers enige flexibiliteit verwacht, waarbij we er rekening mee moeten houden dat we ook op de koopavonden en de zaterdagen worden ingezet. Ik had het er al met Joost over gehad van de week hoe wij een zaterdag of een koopavond op kunnen lossen, omdat we dan niet kunnen rekenen op de naschoolse opvang. De ouders van Joost wonen te ver weg, en mijn ouders zijn ook geen optie omdat ze een eigen boekwinkel hebben. Dus moet Joost de zaterdagen vrij houden op zijn werk en op een koopavond eerder mee ophouden. Vanavond maar eens horen om hoeveel zaterdagen en koopavonden het gaat per maand.
Ik giet de pasta in het vergiet en laat het uit lekken, doe het terug in de pan en giet er een scheutje olie overheen die ik er goed doorroer. De gehaktballetjes staan lekker te pruttelen in de tomatensaus. Ik kijk even naar buiten waar de jongens inmiddels gezelschap hebben gekregen van de meiden en verstoppertje aan het spelen zijn. Een snelle blik op de klok leert me dat het al bijna 5 uur is.
Ik roer nog een keer door de tomatensaus, pluk wat blaadjes van het basilicumplantje dat in de vensterbank staat, en voeg ze toe aan de saus. Al weldra vult de keuken zich met heerlijke geuren.
De bel gaat, en voor de deur staat een jongeman die Sam op komt halen. Als ik goed kijk herken ik Maikel, hij heeft zijn krullen onder een pet zitten en draagt een bril met een donker montuur, waardoor ik hem eerst niet herkend had.
‘Hoi, wat kan ik voor je doen?’ ‘Ik kom Sam ophalen. Christel redde het niet met haar werk, en ik ben toch vrij, dus ik dacht ik rij even langs.’ Hij glimlacht, en kijkt me aan. Het valt me nu pas op dat hij grijsgroene ogen heeft, dezelfde ogen als Sam en ineens valt me de gelijkenis op. Ik laat hem binnen en hij blijft een beetje vertwijfeld in de keuken staan.
‘Kom verder. De jongens zijn buiten aan het spelen.’ Voor dat ik de achterdeur open gedaan heb, staat Sam ineens achter me en vliegt Maikel om de hals. ‘Maikel!’ roept hij vol enthousiasme, waarna hij naar Jordy zwaait en mij aankijkt. ‘Bedankt voor het spelen.’
‘Graag gedaan, als je het maar leuk gehad hebt! Jordy? Kom jij ook nog even afscheid nemen?’
We lopen met zijn vieren naar de voordeur. De meiden zijn ook naar binnen gekomen, en de moeder van Zara komt net aanrijden als Maikel met Sam naar de fiets loopt.

De kinderen nemen afscheid en we lopen gezamenlijk terug naar de keuken. We hebben net de tafel gedekt als Joost de keuken binnenstapt met een bedrukt gezicht. ‘Heb je het nieuws al gezien?’ 
Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...
Bedankt voor het lezen van mijn blog. Ik vind het leuk als je een reactie nalaat.

Totaal aantal pageviews